Vaccineren
Hond: Het is belangrijk om honden te vaccineren tegen hondenziekte (distemper), leverontsteking (hepatitis), het parvovirus en de ziekte van Weil (leptospirose). Met de jaarlijkse vaccinatie worden ze hiervoor gevaccineerd. Eén keer in de drie jaar krijgen ze de cocktail van bovenstaande aandoeningen, de ziekte van Weil krijgen ze jaarlijks.
Daarnaast zijn er nog aanvullende vaccinaties, zoals de vaccinatie voor besmettelijke hondenhoest (kennelhoest). Deze wordt geadviseerd als een hond veel in contact komt met andere honden zoals in de kennel of tijdens een puppycursus. Bij de meeste kennels is deze vaccinatie verplicht.
Voor reizen naar het buitenland is vaccinatie tegen rabiës verplicht. Deze moet minimaal 21 dagen voor vertrek gegeven zijn.
Kat: Het is belangrijk om katten te vaccineren tegen kattenziekte en niesziekte. Met de jaarlijkse vaccinatie worden ze hiervoor gevaccineerd. Eén keer in de drie jaar krijgen ze het combinatievaccin van bovenstaande aandoeningen, de niesziekte krijgen ze jaarlijks.
Voor het buitenland is een vaccinatie voor rabiës verplicht, deze moet minimaal 21 dagen voor vertrek gegeven zijn.
Konijn: Het is belangrijk om konijnen te vaccineren tegen myxomatose en het viraal hemorragisch syndroom. Twee zeer besmettelijke en dodelijke virusziekten. Dit kan jaarlijks met één gecombineerd vaccin. Konijnen kunnen vanaf een leeftijd van 5 weken gevaccineerd worden.
Puppy en kitten: Bij puppy’s en kittens is het belangrijk dat ze de basisbescherming goed opbouwen. Hiervoor is een aangepast vaccinatieschema. Puppy’s worden gevaccineerd op een leeftijd van 6, 9 en 12 weken. Kittens worden gevaccineerd op een leeftijd van 9 en 12 weken. Daarna krijgen honden de volgende enting op 1-jarige leeftijd, en katten 1 jaar na de laatste kitten vaccinatie.
Wanneer de vaccinatie minder dan 6 weken is verlopen volstaat het nog om de jaarlijkse vaccinatie te halen. Als deze langer is verlopen kan het zijn dat de bescherming van het vaccin niet meer optimaal is en dat één vaccinatie niet voldoende bescherming biedt. Een booster na 3 tot 4 weken is geadviseerd om de immuniteit te garanderen.
Steriliseren of castreren
Het advies is om een teef te steriliseren vanwege de gezondheidsvoordelen die dit met zich meebrengt en voor het voorkomen van een ongewenste dracht. Honden die niet gesteriliseerd zijn hebben een grote kans op het ontwikkelen van een baarmoederontsteking op latere leeftijd waarbij ze erg ziek worden en de baarmoeder met spoed moet worden verwijderd. Daarnaast hebben ongesteriliseerde honden een grotere kans om op latere leeftijd melkkliertumoren te ontwikkelen. Om de kans op melkkliertumoren te verkleinen ziet u het meeste effect bij een sterilisatie voor de leeftijd van 2,5 jaar, maar ook sterilisatie na deze leeftijd verkleint het risico op melkkliertumoren. We noemen het bij teven vaak steriliseren, maar de juiste medische term voor het volledig verwijderen van de geslachtsorganen, in dit geval de eierstokken, heet castratie.
Honden onder de 10 kg lichaamsgewicht kunnen vanaf 6 maanden gesteriliseerd worden. Honden boven de 10 kg kunnen 3 maanden na de eerste loopsheid worden gesteriliseerd. Rondom de loopsheid zijn de eierstokken sterker doorbloed, waardoor de optimale periode van operatie 3 maanden na de loopsheid is. De eierstokken zijn op dat moment weer rustig, waardoor het risico op bloedingen kleiner is.
Bij een laparoscopische sterilisatie worden de eierstokken door middel van een kijkoperatie verwijderd.
Bij honden onder de 10 kg lichaamsgewicht wegen de voordelen van een laparoscopische sterilisatie niet op tegen de nadelen. De apparatuur voor de laparoscopische sterilisatie is relatief groot voor kleine hondjes. Met een kleine incisie in de buikwand worden de eierstokken verwijderd.
Honden boven de 10 kg kunnen wel laparoscopisch gesteriliseerd worden. De wondjes zijn in verhouding tot de hond kleiner, waardoor de operatie minder belastend is en het herstel doorgaans sneller verloopt. Via 3 kleine incisies worden door middel van een kijkoperatie de eierstokken verwijderd.
Voor uitgebreidere informatie over deze ingreep en beeldmateriaal kunt u onderstaand hoofdstuk van onze website bekijken: https://itgrienehert.nl/laparoscopisch-steriliseren/
Voor gezondheidsredenen is het niet nodig om reuen te castreren. Castratie wordt veelal gedaan om ervoor te zorgen dat een reu onvruchtbaar is of vanwege hormonaal gedrag. Het effect van castratie op gedrag is van tevoren niet met zekerheid te zeggen. Om te kijken hoe een hond op castratie reageert kan er eventueel gekozen worden om de hond eerst chemisch te castreren. Er wordt dan een implantaat onder de huid aangebracht dat gedurende een half jaar of een jaar voor een chemische castratie zorgt. Dit effect is volledig reversibel. Daarna kan er alsnog besloten worden om de hond operatief te castreren als het beoogde effect wordt bereikt.
Honden kunnen vanaf een leeftijd van 6 maanden gecastreerd worden als de testikels beiderzijds zijn ingedaald. Echter kan het op basis van grootte van de hond, ras of reden van castratie beter zijn om op een andere leeftijd te castreren. Hiervoor kunt u overleggen met de dierenarts voor een passend advies. Ook als één of beide testikels niet zijn ingedaald kunt u contact opnemen met de dierenarts voor een passend advies.
Katers kunnen vanaf een leeftijd van 6 maanden gecastreerd worden. Het castreren van katers voorkomt ongewenste dekkingen, katers blijven vaker dichterbij huis en er wordt vaak een verminderd sproeigedrag gezien.
Poezen kunnen vanaf een leeftijd van 6 maanden gesteriliseerd worden. Sterilisatie voorkomt ongewenste dekkingen. Daarnaast hebben gesteriliseerde poezen minder kans op melkkliertumoren en op het verkrijgen van een baarmoederontsteking. We noemen het bij poezen vaak steriliseren, maar de juiste medische term voor het volledig verwijderen van de geslachtsorganen, in dit geval de eierstokken, heet castratie.
Een cavia of konijn kan vanaf een leeftijd van 4 maanden gecastreerd worden. Bij mannelijke dieren is het echter wel noodzakelijk dat de testikels voldoende zijn ingedaald en zichtbaar zijn. Bij twijfel kunt u dit laten controleren bij één van de assistentes.
Castratie zorgt ervoor dat er geen ongewenste dekkingen meer plaatsvinden. Rammen (mannelijk konijn) en beren (mannelijke cavia) vertonen na castratie vaak minder agressief gedrag.
Sterilisatie van een voedster kan vanaf een leeftijd van 9 maanden. Sterilisatie zorgt ervoor dat er geen ongewenste dekkingen meer plaatsvinden. Daarnaast voorkomt sterilisatie schijndracht en aandoeningen aan de baarmoeder. Ook vertonen voedsters na sterilisatie vaak minder agressief gedrag.
We noemen het bij vrouwelijke konijnen en cavia’s vaak steriliseren, maar de juiste medische term voor het volledig verwijderen van de geslachtsorganen, in dit geval de eierstokken, heet ook castratie.
Ontwormen en ontvlooien
Ja, het is belangrijk om uw hond of kat te ontwormen. Soms ziet u de wormen in de ontlasting van uw huisdier zitten, maar meestal zijn het de eieren die zich in de ontlasting bevinden die niet met het blote oog zijn waar te nemen. Meestal worden honden en katten niet ziek van een lichte besmetting (in Nederland), maar toch is het belangrijk om uw huisdier te ontwormen om verontreiniging van de omgeving te voorkomen. Mensen, voornamelijk kinderen, kunnen de eitjes via de omgeving of via contact met het dier binnenkrijgen en op deze manier ook besmet raken. De larven van sommige wormen kunnen serieuze gezondheidsproblemen veroorzaken bij de mens. Regelmatig ontwormen voorkomt besmetting van de omgeving, en beschermt daarmee ook de mensen daaromheen.
Ernstige wormbesmettingen kunnen wel klachten geven bij huisdieren, voornamelijk maag-darmklachten, met diarree en een tekort aan voedingsstoffen als gevolg.
Huisdieren die in het buitenland komen hebben ook een risico op het verkrijgen van andere typen wormen die grotere gezondheidsproblemen kunnen geven voor het dier. Zie voor meer informatie: Met uw hond of kat naar het buitenland.
Puppy’s en kittens kunnen al via de moedermelk besmet raken met wormen. Het is daarom belangrijk om al vroeg te beginnen met ontwormen. Het advies is om een pup te ontwormen op een leeftijd van 2, 4, 6 en 8 weken. Daarna nog op 3, 4, 5 en 6 maanden leeftijd. Het advies is om een kitten te ontwormen op een leeftijd van 3, 5, 7 en 9 weken. Daarna nog op 4, 5 en 6 maanden leeftijd.
Na de 6 maanden leeftijd wordt het volwassen schema aangehouden.
Het standaard advies is om uw huisdier 4 keer per jaar te ontwormen. Echter kan het soms nodig zijn om vaker te ontwormen. Hierbij kijken we naar de risicofactoren voor besmetting. Honden of katten die vers vlees, ontlasting of prooidieren eten hebben een groter risico op wormen. Het advies is om deze maandelijks te ontwormen. Ook bij honden en katten die in dezelfde omgeving verblijven met jonge kinderen, ouderen, of mensen met een zwakker immuunsysteem is het advies om deze maandelijks te ontwormen.
Het is belangrijk voor uw hond of kat om vlovrij te blijven. Vlooien kunnen ernstige jeuk en huidirritatie veroorzaken. Door het veelvuldig krabben en likken door de jeuk zien we in de praktijk soms ook ernstige beschadigingen en ontstekingen van de huid. Daarnaast kunnen vlooien lintworm overdragen. Door uw dier op de juiste wijze te ontvlooien kunnen deze problemen worden voorkomen.
Vlooien kunnen het hele jaar actief zijn. Het is daarom belangrijk om het gehele jaar hierop alert te zijn. Hoe vaak u uw dieren moet ontvlooien is afhankelijk van het middel dat u gebruikt. Voor honden hebben wij middelen die één jaar, 3 maanden of een maand werken. Voor katten hebben wij middelen die 3 maanden of een maand werken.
De middelen die wij verkopen in de praktijk zijn wetenschappelijk bewezen effectief. Tevens zien wij bij deze middelen goede resultaten in onze praktijk. Deze middelen zijn moderner en er wordt minder resistentie tegen gezien dan bij oudere middelen.
Voor een hond adviseren wij een tablet die 3 maanden werkzaam is of een injectie die 12 maanden werkzaam is (Bravecto).
Voor katten adviseren wij een pipet die 3 maanden werkzaam is (Bravecto of Felpreva). Indien u liever een tablet geeft dan een pipet is er voor katten de Credelio-tablet. Deze is 1 maand werkzaam en moet daarom vaker gegeven worden.
Gebruik altijd een vlooienmiddel dat passend is bij het dier. Let hierbij op het gewicht en de leeftijd van het dier. Gebruik nooit een middel van de hond voor de kat en andersom. Hierdoor kunnen er ernstige vergiftigingsverschijnselen ontstaan.
Ja, het beste resultaat ontstaat wanneer u alle honden en/of katten in huis tegelijk ontvlooid. Dieren die niet ontvlooid zijn kunnen de vlooienpopulatie in de omgeving in stand houden, waardoor andere dieren ook weer opnieuw besmet kunnen worden.
95% van de vlooienpopulatie bevindt zich in de omgeving. Vlooieneitjes, larven en poppen kunnen wel 3 tot 6 maanden in de omgeving blijven, en opnieuw een dier besmetten. Door de kleedjes en mandjes van de dieren op 60 graden te wassen en het huis grondig te stofzuigen (alle kiertjes meenemen) brengt u de hoeveelheid vlooien in de omgeving naar beneden. Hierdoor is een vlooienplaag sneller onder controle te krijgen. Omdat vlooien zolang in de omgeving kunnen overleven is het belangrijk dieren daarom ook langdurig te behandelen tegen vlooien. Eenmalig behandelen is vaak onvoldoende.
Met uw hond of kat naar het buitenland
Als u met uw hond of kat naar het buitenland gaat, zijn er altijd aanvullende maatregelen nodig.
Voor alle landen is het namelijk verplicht om uw hond of kat voor rabiës te enten. De vaccinatie moet minimaal 21 dagen voor vertrek gegeven worden en deze is vervolgens 3 jaar geldig. Daarnaast is bij zowel honden als katten een geldig paspoort nodig waarin de chip vermeld is.
Daarnaast kunnen er aanvullende eisen zijn, die per land verschillen. Raadpleeg ruim voor vertrek de website van het LICG (www.licg.nl) om te controleren welke aanvullende maatregelen van toepassing zijn. Houd daarbij ook rekening met doorreislanden.
Middellandse Zeegebied
Naast bovenstaande verplichtingen zijn er nog aanvullende gezondheidsadviezen voor uw hond. Reist u naar het Middellandse Zeegebied, dan is het belangrijk uw hond te beschermen tegen de zandvlieg. Deze vliegjes kunnen ziektes overdragen waaronder leishmaniose, een aandoening die niet te genezen is en een langdurige of levenslange behandeling vereist. Daarom is het belangrijk om uw hond hier goed voor te beschermen. Vectra 3D kan door middel van een pipet maandelijks worden toegediend tegen zandvliegen. (blauwe kaart)
Ook de hartworm is een parasiet die in het Middellandse Zeegebied en het oosten van Europa voorkomt. De hartworm wordt overgedragen door stekende muggen. Het advies is om binnen 30 dagen na aankomst in het gebied waar hartworm voorkomt te starten met een maandelijkse behandeling. Dit om te voorkomen dat de wormen volwassen worden (en problemen in het hart en vaatstelsel veroorzaken). De behandeling eindigt een maand na het verlaten van dit gebied. Wij gebruiken hiervoor de Milbeguard Duo. (oranje kaart)


Kaart: escapp.org. Klik op afbeelding om groter te maken.
Voeding voor de hond en kat
Voor alle dieren is een goede voeding belangrijk en de basis voor een goede gezondheid. Op onze praktijk bieden wij de HPM voeding van Virbac aan. Dit is een hoogwaardige voeding. Deze voeding heeft meer eiwitten en is lager in koolhydraten vergeleken met de gemiddelde voeding die verkrijgbaar is. De voeding is compleet en bevat alle voedingsstoffen die uw hond of kat nodig heeft. De voeding is aangepast op leeftijd en grootte van uw dier. Zo krijgt uw dier de optimale voeding in elke levensfase.
Daarnaast kan het zijn dat uw dier een speciaal dieet nodig heeft. Op al onze locaties hebben wij een voedingsspecialist die samen met u kan kijken naar de voedingsbehoefte van uw dier. Ook kan het zijn dat de dierenarts voeding voorschrijft naar aanleiding van het klinisch onderzoek en/of aanvullend onderzoek.
Zo is er bij ons onder andere voeding te krijgen voor:
- Blaasgruis
- Nierproblemen
- Gewichtsverlies
- Gevoelige maag en darmen
- Geïrriteerde en gevoelige huid
- Allergieën
- Gewrichtsproblemen